Belgische Chris...'s profileBelgische Christadelphia...PhotosBlogListsMore Tools Help

Blog


    27 July

    Duivel, Satan, Lucifer, Demon, Goed en Kwaad en God

    Gisteren zijn wij verder dieper ingegaan op het onderwerp van demonen en hebben onder ogen genomen hoe God goed en kwaad in de hand heeft.

    Mits er niemand hooggeplaatst is en wonderbaarlijke kracht heeft moeten wij besluiten dat God ook instaat voor het slechte zowel als het goede. (Jesaja 45:5-7,22; Micah 1:12; Amos 3:6; Job 2:10) Dit maakt dat er een verschil is tussen kwaad en zonde. Zonde is de wereld binnengekomen door de mens en niet door God. (Romeinen 5:12)

    Er is geen andere Kracht of Bron dan God en de krachten die mensen willen toeschrijven aan andere mensen, zoals waarzegsters, mediums of aan demonen doen eigenlijk kennen dat men niet in de alleenheid van God gelooft. Een ware gelovige zou dus de idee van een bovennatuurlijke kracht, duivel of demon niet mogen aannemen.

    Daarom hebben wij verder besproken dat God ook de schepper van rampen is. Niet in de zin dat Hij ze veroorzaakt, maar wel dat Hij ze toe laat. Als wij aanvaarden dat het kwaad ook van God kan komen kunnen wij ook bidden dat Hij er ons van zou behoeden. Onder Gods controle werken alle dingen in het leven voor het goed van ons. (Romeinen 8:28)

    De oorsprong van de zonde moesten wij dan verder na gaan om ook eens te kijken hoe het is gesteld met de duivel, Satan en Lucifer. Hiervoor bekeken wij de woorden die gebruikt worden in de Bijbel voor deze begrippen en wat zij werkelijk inhouden.

    Indien wij dan niet aanvaarden dat er zo iets bestaat als een persoon die duivel is en één die Satan is, kunnen wij dan ook enkel zeggen dat er dan ook geen bedienden van die zogenaamde personages bestaan. Wij moeten trouwens vaststellen dat Jehovah een jaloerse God  is en geen andere superkrachten naast Hem toestaat, of er niemand naast Hem bestaat. (Jesaja 44:8; 45:5; Deuteronomium 4:24, 35; Exodus 20:5)

    Verder hebben wij gekeken hoe Paulus ons eraan herinnert waarom gelovigen niets te maken moeten hebben met idolen of demonen. Wij gingen er op in hoe noch Jezus noch de apostelen de mensen tegenspraken ingeval zij soms met menselijke ideeën kwamen die niet waar waren; of hoe zij soms verder spraken uitgaande van die mensen hun denkwijze waar ze niet mee akkoord gingen. De taal van die dagen werd verder onder de loep genomen en werd vergeleken met uitdrukkingen van vandaag die wij ook niet letterlijk opnemen of niet meer nemen zoals hun oorspronkelijke betekenis.

    Ook keken wij naar Afrika en ontwikkelingsgebieden hoe mensen daar tegenover bepaalde ziekten keken en nu met de  moderne medicatie moeten tegen die ziektes opkijken.
    Natuurlijk bracht ons dat naar wonderdokters, ‘wichcraft”, heelmeesters en natuurgenezers waar wij een volgende keer verder over gaan praten.

    17 June

    Zondagdiensten voor de zomer 2009

    De afgelopen tijd konden wij regelmatige diensten voorzien alsook dagelijks een bezinning en een gebed plaatsen op het net. (Thought, Gebeden, Bezinning) Wegens de beperktheid van tijd en andere verplichtingen zullen de komende maanden niet alle zondagen dienst gehouden kunnen worden. De wekelijkse bijeenkomsten zullen dan ter afwisseling in de week plaats vinden.
     
    Zondag 21 is Marcus bezet door zijn nieuw opgenomen taak en is Steve in Rusland.
    Zondag 28 juni is er dienst.
    27 November

    Zondagdienst 30 November 2008

    Zondagmorgend zullen wij naast de gebruikelijke gebeden dieper ingaan op de beloning voor gelovigen en in welke mate zij uit de dood zullen opgewekt worden.
     
    >
    Hoe zullen de doden weer levend gemaakt worden?
     
    Wij zullen hierover verder enkele Bijbelpasages raadplegen:
    Genesis 1:27-28; 18:20; 22:15-18; Psalmen 37:9-11,29; Galaten 3:16,27,29; Mattheus 11:11; Johannes 3:7-8; Lukas 22:28-30; 1 Korinthiërs 15:36-54; 1 Petrus 2:9; Jesaja 65: 17-25; Johannes 11: 24-27; 14:2-3.
    14 November

    Zondag 16 november Een dag in het leven van Christus

    In de zondagavonddienst gaan wij het hebben over de dagen in de tijd van Jezus. In het evangelie van Lukas zien wij dat Jezus rond ging om het Koninkrijk van God te verkondigen. Al de zeven parabels opgeschreven in Mattheus 13 zijn gelijkenissen over het Koninkrijk. De zendingsopdracht van Jezus komt ter sprake en wij zullen de wijze waarop Jezus onderrichte bespreken. Onder zijn hoorders waren volgelingen van hem maar ook mensen met kwade bedoelingen en zijn vijanden. Jezus had geen gemakkelijke tijd en geraakte vermoeid. De apathie tegenover onze Meester is vandaag wie weet groter dan toen en is als zondig als in het verleden hen die hem ter dood brachten .
    Wij vragen ons af of wij langs de weg zijn gevallen of versmacht zijn geraakt door de distels? Of hebben wij voor ons zulk een verhard pad gemaakt dat niets er in kan groeien?
    Wij hebben het privilege om samen te kunnen gaan. samen hebben wij het gemeen dat wij weten welk een goddelijk plan voor ons ligt.
    31 October

    Een Feestmaal en doodsherinnering

    Aansluitend op vorige zondag gaan wij op 1 november dieper in op de vraag in welke mate wij naar de tafel des Heren kunnen komen. In welke mate mogen wij deelnemen aan het Breken van het Brood en drinken uit de beker?
    Wij zullen de verbintenis bespreken van het "Passover" het paaslam, de herinneringsdienst aan Israëls vertrek uit Egypte en het zoenoffer dat Jezus ons geboden heeft. Verder gaan wij dieper in op de betekenis van het spirituele voedsel.
    Wij  kunnen er niet naast kijken hoe Jezus de dood teniet gedaan heeft en hoe belangrijk het is voor ons deze doodsverbreking samen te vieren.
    15 October

    Verontrustheid van Jezus

    In de lezingen van het evangelie van Johannes zijn wij deze komende zondag (19 oktober) aangekomen aan de laatste dagen van het leven van Jesus. Bij lezing van hoofdstuk  12 gaan wij dieper ingaan op de angst die Jezus moet gevoeld hebben. Verontrustheid omringde hem nu hij meer bewust werd van het naderende onheil en de hangende dood.

    Wij gaan bespreken hoe Jezus gekweld werd, zelfs in die mate dat hij vroeg om er van gespaard te blijven indien het kon. Maar hij was er van bewust dat hij geen keus had omdat de wil van Zijn Vader moest voltrokken worden.

    Wij zullen zien dat Jezus doordat hij onze natuur had ook onderworpen was aan al de emoties die wij kunnen ervaren in ons leven.

     

    Voor Christus kon er niets ergers zijn dan dat hij de gebondenheid en eenheid van hart die hij met zijn Vader had zou verliezen. Daarom legde hij zich tenvolle toe op de wens van God zijn Vader en gaf hem dan ook het volle vertrouwen. Het is dat vertrouwen dat wij onder ogen moeten zien en navolgen.